Home
Vereniging
Praktijk
Certificaat
Wetgeving
Actueel
Contact

 

 

 

 

 

 

 

Webdesign by
Frank en Frij 2005

info@frankenfrij.nl

 

 

 
Praktijk

De VBBM heeft veel onderzoek gedaan naar het verteringsproces dat zich in de koe afspeelt. Gebleken is dat de structuur van het rantsoen, en dan met name de hardheid van de grassprieten hierbij een belangrijke rol speelt. Een rund is van origine een steppedier dat grof gras vreet, kijk maar naar de natuurgebieden waar de mens runderen laat grazen.
De structuur van het voedsel beïnvloedt de mate van het herkauwen. Hoe beter een koe herkauwt, des te meer verteerbare delen zij uit haar voedsel haalt, dus hoe minder er verloren gaat. De koe recycled via het speeksel ureum, dit ongebruikt ammonium is een stikstofverbinding die in zowel het bloed als de urine voorkomt. Hierdoor wordt er meer stikstof in eiwit omgezet en komt er minder ureum in bloed en melk terecht. Dit heeft weer tot gevolg dat er minder ammonium, dat in ammoniak omgezet wordt, in de mest voorkomt en dat door minder afvalstoffen de lever en de nieren ontlast worden.

Op deze pagina:
de Koe

Kijk ook op:
>>
Drijfmest

Kijk ook op:
>>Bodem

De koe is een herkauwer en heeft vier magen: pens, netmaag, boekmaag en lebmaag.Alles wat een koe eet vindt direct zijn weg naar de pens en netmaag. Bacteriën zorgen hier voor de eerste vertering. Als de pens vol is begint de koe het voedsel opnieuw te kauwen. De inhoud van de pens keert in ballen terug naar de bek van de koe. Na het voedsel grondig, zo’n 60 slagen per bal, herkauwd te hebben vindt het, wederom via de pens, zijn weg naar de boekmaag waarna het uiteindelijk in de lebmaag terechtkomt. Bij deze voorvertering wordt de in de pens vrijgekomen energie en ammonium omgezet in bacterieel eiwit. Dit is kant en klaar voedsel voor een goede melkproductie.
Hoe beter de pens werkt, hoe meer microbieel eiwit zich uit het voer vormt, hoe minder afvalstoffen, bijvoorbeeld overmaat aan stikstof, de koe verlaten en hoe meer melk er geproduceerd wordt. De voeding speelt hierbij ook een grote rol: met de juiste voeding produceert de koe veel microbieel eiwit en weinig afvalstoffen.

Het menu van een de koe bestaat voornamelijk uit gras of geconserveerd gras, het zogenaamde kuilgras. Veel koeien krijgen daarnaast snijmaïs als gehakseld product voorgeschoteld. Dit menu wordt aangevuld met zogenoemd krachtvoer, dat bestaat uit een mengsel van verschillende grondstoffen. In krachtvoer zitten tarwe en producten die overblijven bij de voedingsmiddelenproductie, zoals onder meer bietenpulp, sojameel, raapschroot, maïsmeel en palmpitmeel. Het krachtvoer wordt in de fabriek samengeperst tot brokjes die de koe makkelijk kan eten. De samenstelling van het (kuil)gras en de snijmaïs bepalen welke aanvullende grondstoffen, dus welk rantsoen krachtvoer, de koe nodig heeft. Natuurlijk heeft de melkproductie van de koe daar ook mee te maken. De samenstelling van het krachtvoer zal moeten veranderen naarmate de koe langere tijd geleden een kalfje heeft gehad en dus begonnen is met melk geven.
De keuze van samenstelling/hoeveelheid van het krachtvoer en de hoeveelheid gras en snijmaïs in het rantsoen bepalen in grote mate hoeveel voedsel de koe kan verteren. Alles wat niet of half verteerd wordt verlaat de koe als mest.

Meer weten over BODEM en MEST ? Klik onderstaand(e) trefwoord(en) of foto aan: